Alternatief voor het ouderwetse riool


Het bedrijfsleven heeft het levenswerk van Gatze Lettinga al lang omarmd. Waarom worstelen we thuis dan nog met zo’n watercloset? Zijn vrouw had die ochtend nog zo gezegd: je gaat het toch niet weer over riolen hebben, hè. Maar voor Gatze Lettinga (70), emeritus hoogleraar milieutechnologie aan Wageningen Universiteit, is het riool nu eenmaal meer dan een grote pijp in de grond waar af en toe wat doorheen spoelt. Hij weet precies hoe je biomassa, fecaliën, urine of afvalwater duurzaam moet verwerken.

Het riool is voor hem ook een symbool van macht. Waterschappen en gemeenten zijn in de greep van een leger van ingenieurs, betonbouwers, fabrikanten van pompen en aannemers, meent hij. Deze rioolbouwers proppen op onze kosten de grond vol met kilometers buis en verdienen daar flink aan. „Temeer daar die boel na veertig jaar weer vervangen moet worden. Natuurlijk, ook ik weet dat er voordelen aan een riool zitten. Maar over de nadelen hoor je niemand.”

Concentreren en laten uitrotten
Als milieutechnoloog kan Lettinga je die nadelen haarfijn uitleggen. Een keer het toilet doorspoelen en daar gaat weer tien liter kostbaar water bijvoorbeeld. Of wat te denken van die dure, ingewikkelde zuiveringsinstallaties die bovendien energie vreten? En dan hebben we het nog niet gehad over het zuiveringsslib, waarvoor niemand een goede toepassing weet. Het kan ook anders, heeft Lettinga bewezen, en duurzamer: het afval concentreren en laten uitrotten. Dat is het principe van de anaërobe zuiveringstechniek die Lettinga in Wageningen vanaf 1970 ontwikkelde. Dankzij die techniek wordt afvalwater een bron van hoogwaardige grondstoffen.

Het is een baanbrekende techniek waarvoor Lettinga in 2000 de Shell-duurzaamheidsprijs kreeg en waarvoor hij deze maand in Los Angeles de prestigieuze Amerikaanse Taylor-prijs voor milieutechnologie in ontvangst mag nemen.

Bij anaërobe zuivering gaan bacteriën in bioreactoren afvalstromen te lijf, zonder dat er zuurstof aan te pas komt. De bacteriën zetten de organische bestanddelen van het afval om in bruikbare reststoffen, zoals methaangas en compost. Zou Nederland alle huishoudelijke afvalstromen met Lettinga’s bacterietechnieken verwerken, dan levert dat genoeg methaangas op om 80.000 huishoudens van energie te voorzien. De geconcentreerde meststoffen kunnen in de landbouw worden gebruikt. En op spoelwater is jaarlijks 175 miljoen kuub te besparen. Dus waar wachten we op?

Maar zo eenvoudig gaat het niet, leert de ervaring van Lettinga. „Wij hebben jarenlang in het buitengebied gewoond van Heerenveen. Vier huizen in een bos, langs een stille weg. En daar wilden ze ons opschepen met zo’n hele dure persleiding. Krankzinnig natuurlijk. Daar heb ik me dus tegen verzet. Dat heb ik geweten! Gemeentelijke instanties worden dan nerveus en sturen hun juristen op je af.”

Uiteindelijk lukte het Lettinga een aansluiting op het hoofdriool te voorkomen en in eigen beheer alle afvalstromen te verwerken. Maar een maand na zijn vertrek uit Heerenveen was zijn oude woning al op het riool aangesloten. Dat is tekenend, vindt de milieutechnoloog.

Toch, voorspelt Lettinga, keert het tij. Duurzaamheid staat op de kaart en inmiddels is in een nieuwe woonwijk van Sneek een demonstratieproject ontwikkeld met anaërobe afvalverwerking. Daarvoor werken de gemeente, Wetterskip Fryslân, het bedrijfsleven en de Wageningen Universiteit samen. En net als in de jaren zeventig, toen Lettinga’s bioreactor werd ontdekt door bedrijven als CSM en Avebe, zal ook dit keer het bedrijfsleven zijn kansen ruiken, verwacht de milieuwetenschapper. „Projectontwikkelaars zullen spoedig ontdekken dat het een ideale oplossing is voor hotels, scholen, flats en recreatieterreinen. En het kan relatief simpel: Iedereen een vacuümtoilet, zoals in het vliegtuig, waarvoor je per spoelbeurt slechts een halve liter water nodig hebt. Alle fecaliën kunnen dan centraal worden opgevangen en afgevoerd naar een bioreactor. En voor een flat hoeft die niet veel groter te zijn dan twintig kuub. Zeer compact, zonder overlast. Hier liggen enorme kansen voor duurzame verwerking van afvalstromen. Kansen ook om flink op kosten te besparen.”
Rioolverbond van betonboeren en ingenieurs frustreert duurzame oplossingen

De opmars van riolen in stedelijke gebieden in de Derde Wereld heeft dramatische gevolgen, zegt de Wageningse milieuwetenschapper Gatze Lettinga. „In India bijvoorbeeld kunnen de meer gegoeden dankzij het riool hun afval kwijt, door de arme massa ermee op te zadelen. Die riolen lozen hun stinkende inhoud op het oppervlaktewater, want geld voor zuiveringsinstallaties is er niet. En zo ontstaan enorme problemen.”

Het oppervlaktewater raakt als bron van drinkwater bijna onbruikbaar. Ziektekiemen verspreiden zich zo over grote gebieden, wat de landbouw schaadt, analyseert de milieutechnoloog.

En waarom wordt voor zo’n aanpak gekozen? Heus niet om de mensheid uit de ellende te helpen, denkt Lettinga. „Het is allemaal business. Je kunt mij niet wijsmaken dat die experts niet weten wat voor schade ze aanrichten. Terwijl de milieuvervuiling vóór de introductie van die prestigieuze spoeltoiletten binnen de perken werd gehouden met traditionele systemen als de septic tank. Zo’n tank werkt prima, zolang je er maar geen grote plassen water bij doet.”

Het wereldwijde succes van riool en watercloset frustreert de opmars van de veel goedkopere, duurzame anaërobe techniek. In de Verenigde Staten is het ’rioolverbond’ van consultants, ingenieurs, betonboeren al oppermachtig, wat erg pijnlijk is voor Perry McCarty, de grote man van de anaërobe zuiveringstechniek in de VS en de inspirator van Lettinga.

Bron: Trouw.nl

Plaats bericht op eKudos

Informatie en links

Neem ook deel aan de discussie door te reageren, te tracken wat anderen vinden, of door ernaar te linken via je eigen blog.


Andere berichten
Spaarlampen lucratieve handel voor Philips
Milieuvriendelijk tanken door samenwerking overheid en bedrijven

Reageer

Neem een seconde de tijd en vertel ons wat jij ervan vindt. Je kunt wat HTML code gebruiken voor de opmaak.

Reacties van anderen

Een mooi bericht over de inzet van een techniek die alle waardering en medewerking verdiend. Inderdaad is het moeilijk om de gevestigde orde van verwerkers, overheden en banken ervan te overtuigen dat deze techniek een meer dan goede vervanging van veel aerobe afbraak/zuiveringstechnieken is. In de jaren 90 was er in de afvalwereld een ontwikkeling om afval anaeroob te verwerken maar door de behoudende krachten en de langlopende verwerkingscontracten voor afval kwam deze techniek nooit goed van de grond. Gelet op de ontwikkeling van de huidige energieprijzen is wellicht nu de tijd aangebroken dat de anaerobe techniek (met als biogas interessant bijproduct) doorbreekt!

Als medeoprichtster van het ecologisch cultureel dorp Alminde ben ik op zoek naar een ecologisch verantwoord alternatief voor riool. Momenteel ligt de keuze op helofytenfilters maar we vragen ons af of er ook nog andere alternatieven zijn. Bij het lezen over de anaerobe zuiveringstechniek vroeg ik me af of deze methode interessant en geschikt zou zijn voor in een gebied van 8 hectaren dat deel uitmaakt van een ecologische hoofdzone met daarbinnen een dorpje van 60 huishoudens gevestigd en wat daar dan voor nodig is en bij komt kijken.
De mensen van dit project stellen zich o.m. tot doel om proeftuin te zijn voor nieuwe ontwikkelingen op gebied van ecologie en duurzaamheid. Misschien gebruik ik deze gelegenheid verkeerd, voor mijn eigen zoektocht, maar toch hoop ik op een reactie. Ik zou graag wilen weten wat ik me precies moet voorstellen bij uw anaerobe zuiveringstechniek. Vriendelijke groet, Paula Bos